Autobahn

GEREDEN: Ford Fiesta ST is het ultieme pretpakket

Het is alweer de derde generatie van de Ford Fiesta ST en zoals we allemaal weten is driemaal scheepsrecht, dus kregen wij hem mee om te checken of de laatste ST nu perfect is.

De vorige Ford Fiesta ST hadden we ook al onder de kont gehad, en die bleef jaren na de testrit nog steeds bij als een van de leukste auto’s sinds tijden. De verwachtingen voor de ST3 (zoals de nerds hem noemen) lagen dus vrij hoog. Zeker gezien Ford besloot om het driecilinderblok nog verder te verkleinen naar 1,5 liter, maar er wel meer paarden uit te toveren: 200. Het meest interessante lijkt dan toch de machtige 290 Nm die Ford Performance op de een of andere manier uit het driepittertje weet te krijgen.

Qua styling is er ook flink wat veranderd, want de nieuwe ST is op basis van de nieuwe Fiesta. Iets wat hem ook best wel een wolf in schaapskleren maakt. Ja, hij heeft een aangepaste bodykit, gigantische velgen en wat extra uitlaatpijpen aan de achterkant, maar wie verwacht er nu dat een Fiesta binnen 6,5 seconden naar de 100 km/u klapt? Waarschijnlijk haal je dat zelf in de praktijk niet zo snel, want het karretje heeft een handbak en je moet zelf al twee keer schakelen voordat je de 100 km/u aantikt. Veel van die opgegeven tijd komt dus neer op jouw kunde om snel op te schakelen. Al heeft Ford wel een poging gedaan om je erbij te helpen met een ‘launch control’. Of eigenlijk een systeem dat aangeeft wanneer je het perfecte toerental vast hebt om de koppeling te dumpen en met piepende banden op te trekken.

Party-piece

En dat optrekken is dan ook echt de party-piece van de Fiesta ST. Die 290 Nm maakt het verschil tussen grappig snel autootje en vrijwel volwaardige racemachine. Die kracht zorgt er namelijk voor dat de auto je uit de bocht trekt waar je hem eigenlijk iets te hard ingooide en dat hij je door die chicane trekt zonder grip te verliezen. Het maakt de auto leuker dan leuk en laat je gelijk waarderen dat je vastgeklemd zit in Recaro-stoelen. Zonder die speciale zetels vlieg je door de hele auto, want ondanks de redelijk stugge vering heeft de ST nog wel de neiging om een beetje over te hellen in scherpe bochten. Hierdoor komt ook het bekende wiel-van-de-grond-shot wat je ongetwijfeld overal voorbij ziet komen.

Overigens zijn die stoelen ook bijna de enige hint aan het interieur die aangeven dat je hier met de duurste versie van de Fiesta te maken hebt. Je hebt wat hintjes op het dashboard, een ST-stuur en een ST-versnellingspook en een zeer onhandig geplaatste sportknop waarmee je van instelling in de auto switcht. En zodra je van de normale huis-tuin-en-keuken-modus wisselt naar sport- of circuit-mode verandert er niet veel aan de auto. Het sturen wordt strakker en het gaspedaal reageert feller. Belangrijkste verschil is wellicht wel dat het start-stopsysteem uitschakelt bij de sportstanden, iets dat je merkt bij het stoplicht, want dan is het driepittertje zo onrustig dat je zit te trillen in de auto. Maar goed, dat kleine brommertje heeft ook weer zijn voordelen. Zo is de Fiesta niet heel dorstig als je normaal rijdt omdat hij dan zelfs overschakelt naar twee cilinders. Bij flink doortrappen merk je toch al snel dat de 200 pk en 290 Nm niet gratis verschijnen. De benzinetank laat dan nog net geen draaikolk zien.

Het jammere van dit pretpakket is dat de BPM (meer dan zesduizend euro) hem redelijk de nek omdraait. De totale prijs van de gereden versie is meer dan 36 duizend euro en dat is een flinke hap geld voor een klein, maar sportief bakkie. Ook zit hij daarmee firm tussen stevige concurrentie die dan wellicht iets minder sportief is, maar wel meer ruimte en comfort (en achterwielaandrijving) bieden. Maar goed, als je die horde kunt/wil nemen, dan heb je aan de Ford Fiesta ST absoluut een geweldig geweldenaartje.