Autobahn

BPM nog grotere geldmachine dan gedacht

De regering blijft lekker cashen met de speciale extra belasting de we betalen bij de aanschaf van een nieuwe auto. Sterker nog, het CBS heeft berekend dat de inkomsten van de BPM momenteel hoger dan verwacht zijn.

Autokopers kunnen zich onmetelijk kwaad maken over de bak met geld die linea recta naar de overheid gelepeld wordt als ze hun nieuwe auto afrekenen. Logisch ook, want Nederlanders betalen bijna het meeste belasting per (nieuwe) auto. Toch werd deze onvrede over afgelopen jaar weggeduwd en werd er meer BPM dan ooit naar de overheid overgemaakt. Eerder werd berekend dat de autokopers op jaarbasis voor 1,9 miljard euro de staatskas spekten, maar volgens de laatste cijfers van het CBS miste er nog een kleine 100 miljoen. De rekenkamer meldt dat de overheid in 2017 twee miljard euro ving, wat neerkomt op een stijging van bijna 30% tegenover 2016. 

De oorzaak is makkelijk te verklaren: er zijn meer auto's verkocht. 416.000 in 2017 tegenover 383.000 in 2016. En bijna al die auto's brachten meer BPM in het laatje, want kopers gingen vaker voor milieuonvriendelijkere en grotere auto's. En hoe meer CO2 een auto uitstoot, hoe rijker de regering wordt. De gemiddelde BPM per auto lag dan ook bijna 700 euro hoger in 2017 (4.652 euro) dan in 2016 (3.957 euro).

Import

Ruim 90 procent van de stijgende BPM-inkomsten is toe te schrijven aan de reguliere verkoop van niet-volledig elektrische auto's. De overige tien procent is afkomstig uit de import. Over geïmporteerde auto's hoeven kopers namelijk niet het hele BPM-bedrag te betalen, waardoor een buitenlandse jonge occasion al snel duizenden euro's goedkoper is dan een vergelijkbare auto in Nederland. Dat steeds meer mensen hierachter komen is te zien in de cijfers: 205.000 imports in 2017, 175.000 in 2016.

Het lijkt erop dat de stijging nog wel even door zal zetten, want de overheid maakt geen aanstalten met het aanpassen van de BPM-tarieven naar aanleiding van de nieuwe emissietest (WLTP). Dankzij deze nieuwe test komen de uitstootcijfers van vrijwel elke auto hoger te liggen en moet er dus ook meer BPM per auto afgedragen worden. Staatssecretaris Menno Snel van Financiën beloofde dat autokopers na de invoering van de WLTP-cyclus onder aan de streep hetzelfde voor een auto moesten betalen. Hiervoor zou hij de BPM-tarieven aanpassen, maar Menno doet zijn naam geen eer aan: hij heeft laten weten dat hij deze verandering niet voor 1 januari 2020 ziet gebeuren.